Schouderklachten

Schouderpijn, subacromiaal impingement, bursitis, tendinitis, tendinopathie, tendinitis calcarea.

Schouderpijn komt veel voor en kent veel verschillende oorzaken. Eén vorm van schouderpijn komt verreweg het meest voor (90% van alle niet-traumatische schouderpijn) en wordt meestal omschreven als slijmbeurs- of peesontsteking, peesdegeneratie of peesinklemming. De medische termen hiervoor zijn bursitis, tendinitis, tendinopathie of impingement en tegenwoordig veelal samengevat als het subacromiaal pijn syndroom.

Deze diagnosen worden weliswaar veelvuldig gesteld, maar deskundigen op het gebied van onderzoek en behandeling van schouderpijn komen steeds meer tot de conclusie dat er wellicht meer speelt dan ontsteking, degeneratie (het simpelweg ouder worden van het weefsel) of inklemming.

Omdat de pijn meestal gevoeld wordt diep in de schouder wordt dit subacromiale pijn genoemd. Subacromiaal wil zeggen onder het acromion, het bottige deel van het schouderdak. Dat wil niet zeggen dat de oorzaak van de pijn daar ook zit!

Een belangrijke oorzaak van schouderpijn is echter gelegen in de schouderspieren zelf. Myofasciale triggerpoints in schouderspieren kunnen de pijn geven, welke diep in de schouder wordt gevoeld. Het behandelen van triggerpoints en het wegnemen van de oorzaak van het ontstaan hiervan is vaak zeer effectief in de behandeling van dit soort schouderklachten en voorkomt onnodig vervolg onderzoek (röntgenfoto’s, echografie en MRI-scan) en onnodige behandelingen (krachttraining, injecties met corticosteroïden, onnodig gebruik van NSAIDs (ontstekingsremmende medicijnen zoals Diclofenac en Ibuprofen) en zelfs operaties (subacromiale decompressie volgens NEER).